skip to Main Content

Mijn reu een dekreu

Niet alle eigenaren van een reu, melden deze ook aan als ‘dekreu’. Veel eigenaren denken daar gewoon niet aan!
Dat, terwijl hun hond een hele waardevolle bijdrage zou kunnen leveren aan de volgende generatie Labradors. Het is voor geen enkel ras goed als een beperkt aantal reuen onevenredig wordt ingezet in de fokkerij. Elk levend wezen -mens en dier- geeft niet alleen goede genen door. En: aan de buitenzijde valt niet te zien welke eigenschappen reu en teef doorgeven aan hun nageslacht. Bij de inzet van een te beperkte groep fokdieren, is het risico op de verspreiding van erfelijke problemen dan ook groter. Omdat veel eigenschappen ‘recessief vererven’-en dus niet altijd meteen zichtbaar worden in de eerste generatie nakomelingen- blijft vaak pas later dat bepaalde fokdieren een te groot stempel op de fokkerij hebben gedrukt en dat de voormalig zo populaire reu toch niet zo’n aanwinst was voor het welzijn van het ras.
Omdat teven meestal veel minder nakomelingen hebben, is het met name van belang om meer verschillende dekreuen in te zetten voor de fokkerij en bij de selectie geen eenzijdige keuzes te maken.
Uw reu kan dus een welkome aanvulling van het ‘genenmateriaal’ betekenen.
U dient zich echter te realiseren, dat ook uw hond, net als elk ander individu, naast goede eigenschappen ook ongewenste eigenschappen bij zich draagt.
De verantwoordelijkheden die u neemt, de regelgeving omtrent het fokken waar u mee te maken krijgt, de risico’s die u loopt als dekreu-eigenaar; het zijn zaken die van belang zijn bij het maken van een zorgvuldige afweging. Dit artikel is bedoeld om u inzicht te geven in wat er zo al komt kijken bij het fokken met uw reu.
Allereerst is het verstandig uw motieven om uw hond een bijdrage aan de fokkerij te laten leveren op een rijtje te zetten.
Wat kan uw reu bijdragen aan het ras? Wat zijn zijn sterke punten, wat zijn zijn minder sterke eigenschappen?
Een gedegen kennis van de (eigenschappen van) de voorouders van
uw reu, maar ook een stukje kennis van zaken omtrent vruchtbaarheid, kleurvererving, dekking, dracht en geboorte zijn een ‘must’. Als u als dekreu-eigenaar weet dat er in verwanten van uw reu bepaalde problemen voorkomen (gezondheidsproblemen, kleurafwijkingen, gebitsfouten e.d.) dan dient u deze informatie aan de fokker/eigenaar van de teef door te geven.
Het is belangrijk dat u op de hoogte bent van het Verenigingsfokreglement van de NLV.

Dit fokreglement kent:
A ‘Basisregels’ die voor alle leden van de NLV gelden en
B ‘Aanvullende regels’ die gelden voor pupinformatie en plaatsing op de NLV dekreuenlijst.

Wanneer uw reu een teef dekt die niet aan de eisen voldoen (bijvoorbeeld door het missen van een HD-, ED-, of ooguitslag of doordat de teef al 5 nesten heeft gehad) begaat u een overtreding van de basisregels van het VFR.
Wanneer u wilt laten zien wat uw reu ‘waard’ is op het gebied van exterieur en werkaanleg is het aan te raden kwalificaties te halen.
Wat exterieur betreft kunt u uw hond voor tentoonstellingen inschrijven.
Voor wat werkeigenschappen betreft is het aan te raden (jacht)cursussen te gaan volgen en werkkwalificaties te behalen.

Gezondheidsonderzoek
Om vast te stellen of uw reu qua gezondheid geschikt is om een nestje te krijgen (zie het ‘NLVFokbeleid’) dient u een drietal onderzoeken te laten plaatsvinden, te weten:

  • het zogenaamde ‘oogspiegelen’
  • het röntgenologisch onderzoek van heupen (kan vanaf de leeftijd van 12 maanden)
  • het röntgenologisch onderzoek van ellebogen (kan vanaf de leeftijd van 12 maanden)

Het is verstandig met het ogenspiegelen te beginnen. Wanneer hieruit naar voren zou komen dat uw reu een afwijking heeft waardoor hij van de fok uitgesloten dient te worden, kunt u overwegen om het heup- en elleboogonderzoek achterwege te laten.
Maar: een dergelijk onderzoek is wel belangrijk voor het ras en ook voor u zelf, omdat u dan immers weet of de heupen- en ellebogen van uw hond ‘gezond’ zijn.
Het oogonderzoek kunt u laten doen door één van de dierenartsen vermeld op de lijst die u op onze website kunt vinden. Andere dierenartsen zijn niet bevoegd om dit onderzoek uit te voeren.
Wanneer de ooguitslag (die slechts een jaar geldig is!) luidt: ‘vrij van cataract, retina dysplasie (RD), retinadegeneratie (PRA), entropion, ectropion en distichiasis’ kunt u weer een stapje verder gaan met het gezondheidsonderzoek.
Voor het heup- en elleboogonderzoek kunt u een dierenarts van uw keuze bezoeken. Informeer eerst of de dierenarts in kwestie in staat is foto’s volgens de richtlijnen van de Raad van Beheer, afdeling Gezondheid, Gedrag, Welzijn, te maken. De foto’s zullen immers daar beoordeeld worden.
De gemaakte röntgenfoto’s worden door de dierenarts opgestuurd naar de Raad van Beheer, afd.GGW. Binnen een week of twee kunt u de uitslag in de bus verwachten. Wanneer de uitslag van de heupen luidt: HD A1/2 ( HD -) of HD B1/2 ( HD tc) en van de ellebogen: zowel links als rechts ‘vrij van elleboogdysplasie’ kunt u meer dan tevreden zijn.

prcd-PRA-test
Het is mogelijk om via DNA-onderzoek vast te stellen of uw hond het gen voor prcd-PRA kan doorgeven. Prcd-PRA is voor zover op dit moment bekend de meest voorkomende vorm van PRA bij ons ras. Wanneer u weet of uw hond volledig vrij, drager van of lijder aan deze oogziekte is, kunt u fokkers gerichte informatie geven en ook zelf beoordelen of een teefje een geschikte kandidaat is.
Immers, uw hond kan bij het oogspiegelen als vrij worden aangemerkt, terwijl hij toch drager kan zijn van prcd-PRA. Als de partner van uw reu ook vrij is bevonden bij het spiegelen (we noemen dit ‘klinisch vrij’), maar toch drager is van het gen dat de ziekte veroorzaakt, zouden er uit deze combinatie lijders aan deze ziekte geboren kunnen worden. Dit is dus te voorkomen door deze prcd-PRA gentest.
De uitslag* die u ontvangt kan luiden:

  • clear/normal (volledig vrij van prcd-PRA: deze hond heeft de ziekte niet en kan deze ook niet vererven)
  • carrier/drager van prcd-PRA)
  • affected/lijder aan prcd-PRA)

Welke combinaties u kunt toepassen wanneer u over een prcd-PRA uitslag van uw hond beschikt, staat beschreven in het: “Verenigingsfokreglement”

Overige (gen)-testen
Naast de prcd-PRA-test zijn er voor Labrador Retrievers inmiddels ook andere testen beschikbaar, o.a.:

  1. voor Centronuclear Myopathy.
  2. voor ‘Exercise-Induced Collapse’.
  3. voor ‘Narcolepsy’.
  4. een kleurtest op basis waarvan bepaald kan worden welke kleur de geteste hond vererft.
  5. voor Retina Dysplasia en OSD: OculoSkeletal Dysplasia, dat wil zeggen skeletafwijkingen die bij Labradors samen kunnen vererven met RD.De testen 1 t/m 4 zijn niet verplicht.

Echter ten aanzien van de RD/OSD is sinds 1 maart 2011 de volgende regelgeving in het “Verenigingsfokreglement” opgenomen;

  • Het is toegestaan te fokken met een ouderdier, dat de uitslag: ‘Retina Dysplasie (Multi)focaal’ heeft, mits is aangetoond door middel van een DNA-test, dat deze hond ‘vrij’ is van de Oculo Skeletale Dysplasie(OSD) –mutatie. De partner van dit fokdier dient eveneens door middel van een DNA-test aantoonbaar ‘OSD-mutatie vrij’ te zijn en bovendien een geldige ooguitslag ‘RD vrij’ te hebben.

De teef en haar eigenaar
Wanneer een fokker zich bij u meldt met de mededeling belangstelling te hebben voor uw reu als mogelijke partner van zijn/haar teef, is het van belang dat u correcte en volledige informatie kunt verstrekken over de fraaie en maar ook de minder gewenste eigenschappen, die uw reu mogelijk via zijn genen door kan geven.
Zoals al eerder gezegd: ken uw reu.
Zorg ervoor dat u haarfijn de lijnen kent die achter uw reu zitten en tevens de kwaliteiten en zwakkere kanten van (de voorouders ) van uw hond. U mag de eigenaar van een teefje een opsomming geven van de fantastische eigenschappen van uw reu, maar u moet tevens de eventuele problemen vermelden.
Daarnaast moet u zich verdiepen in de stamboom van de betreffende teef. Past zij wel bij uw reu? Komen er geen familiaire afwijkingen voor in de lijn van de teef die ook in de lijn van uw reu terug te vinden zijn? Past het type hond bij uw reu, spreekt zij u aan?
Zijn er qua kleurvererving geen bijzonderheden te verwachten?
Tevens is het van het grootste belang, dat u de gezondheidsuitslagen van de teef ter inzage vraagt en informeert naar het aantal nesten dat de teef eventueel al geworpen heeft.
Controleer of de ooguitslag van de teef (maar ook die van uw reu!) nog geldig zal zijn op datum van de dekking!
Geef de stamboom en alle gezondheidsuitslagen en exterieur-, en werkkwalificaties van uw reu ter inzage. (Het is attent een setje kopieën voor de eigenaar van de teef klaar te leggen). Net zo goed als de eigenaar van de teef het recht heeft van een dekking door uw reu af te zien, mag ook u een dekking weigeren.

Regel het schriftelijk
Wanneer niet aan de (gezondheids)eisen is voldaan, het teefje volgens u niet bij uw reu past of u niet voldoende vertrouwen heeft in de kundigheid van de fokker om nakomelingen van uw reu groot te brengen, kunt u aangeven dat u van een dekking afziet.
Wanneer het echter wel ‘klikt’, en het duidelijk wordt dat u beiden de dekking wilt laten plaatsvinden, maak dan duidelijke afspraken over de gang van zaken en zet deze bij voorkeur op schrift in een model dekovereenkomst. Het is prettig wanneer de eigenaar van de teef u er tijdig van op de hoogte brengt dat de teef loops is geworden.
U kunt dan in uw agenda rekening houden met de op handen zijnde dekking, hoewel nooit exact te voorspellen is hoe snel de teef ‘dekrijp’ zal zijn.
U kunt de eigenaar van de teef vragen op de eerste dag van de loopsheid bij de dierenarts een bacterieel onderzoek te laten doen (een zgn ‘uitstrijkje’ te laten maken), zodat bij een eventuele vaginale infectie de teef tijdig behandeld kan worden teneinde de kans op een bevruchting en een voorspoedig verlopende dracht te vergroten en tevens een mogelijke besmetting van uw reu te voorkomen.
U kunt met de eigenaar van de teef afspreken dat hij/zij bij de teef een progesteronbepaling laat doen, zodat het beste moment van dekking zorgvuldig gekozen kan worden. (Zeker wanneer de teef en eigenaar uit een ander deel van het land komen is dit aan te raden.) Wanneer de eigenaar van de teef bij u uit de buurt komt en u beiden over voldoende tijd beschikt kunt u ook de natuur (reu en teef) zelf laten bepalen wanneer het juiste moment daar is.
Voor wat betreft de prijs, die u voor de dekking afspreekt, zijn er tal van mogelijkheden.
U kunt een vast bedrag voor de dekking afspreken, dat na de eerste geslaagde dekking betaald wordt wanneer u de ingevulde dekkaart meegeeft. Vaak wordt hierbij uitgegaan van de prijs van een puppy.
U kunt overeenkomen wat te doen als de teef ‘leeg’ blijft, of maar één of twee nakomelingen werpt. U kunt bijvoorbeeld voorstellen dat bij geen, of en heel klein nest, de eigenaar van de teef t.z.t. recht heeft op een nieuwe dekking.
Het is ook een mogelijk een vast bedrag af te spreken voor de dekking en een bedrag vast te stellen, dat na de geboorte per levend geboren pup betaald wordt. In dit geval heeft u na een teleurstellend resultaat van de dekking geen verplichtingen aan elkaar.
Een derde mogelijkheid is een vast bedrag af te spreken voor de dekking, en een vast bedrag dat na geboorte van de pups (onafhankelijk van het aantal pups) betaald wordt. Ook in dit geval heeft u geen verplichtingen aan elkaar als op de dekking geen zwangerschap volgt.
Hoe uw afspraak met de eigenaar van de teef ook zal zijn, het is verstandig één en ander schriftelijk vast te leggen om misverstanden te voorkomen.
Na de dekking is het prettig contact te houden met de eigenaar van de teef.
Uiteraard zult u nieuwsgierig zijn naar het verloop van de dracht en naar het uiteindelijke resultaat.
Het zal de moeite waard zijn te zijner tijd de pups te gaan bekijken. Vanzelfsprekend is het bijzonder interessant met eigen ogen vast te stellen hoe de nakomelingen van uw reu er uit zien!
Vraag de fokker u op de hoogte te houden van wetenswaardigheden t.a.v. karakter, gezondheid en werk/exterieur van de nakomelingen van uw reu en zijn/haar teef, ook als de pups volwassen geworden zijn. Het kan waardevolle informatie zijn voor de toekomst.

De dekking
Het zou te ver voeren het gebeuren rond dekking in dit artikel te beschrijven.
Het is aan te raden om een ervaren dekreu-eigenaar te vragen bij de eerste dekkingen van uw reu aanwezig te zijn. Zo kunt u gebruik maken van de ervaring van iemand die weet wanneer het nodig is ‘in te grijpen’, hulp te bieden of juist op de achtergrond te blijven wanneer er een dekking moet plaatsvinden.
Wanneer u uzelf en uw reu voldoende vertrouwt, kunt u volgende dekkingen zelfstandig begeleiden. Wanneer de dekking heeft plaatsgevonden vult u de dek-, en geboortekaart in (on line bij de Raad van Beheer www.houdenvanhonden.nl en geeft deze mee aan de eigenaar van de teef.
U spreekt af of en wanneer er een eventuele tweede dekking plaats zal vinden.

Back To Top