skip to Main Content

Oogafwijkingen

ECVO-oogonderzoek – Wie voert het uit? (Bron; Raad van Beheer op Kynologisch gebied)
Niet iedere dierenarts mag een ECVO-oogonderzoek uitvoeren. De dierenarts die het klinisch onderzoek uitvoert, moet deel uitmaken van het (Nederlandse) ECVO-panel. Hij voert het onderzoek uit volgens een vast protocol. Op basis van het onderzoek stelt hij het resultaat vast.
De lijst ECVO oogspecialisten vindt u op de website van de Raad van Beheer 

ECVO-oogonderzoek – Distichiasis en Ectopische Cilie
Distichiasis en ectopische cilien worden gedefinieerd als één of enkele haren, een rij of meerdere rijen haren op/vanuit de vrije ooglidrand, waarbij wordt aangenomen dat ze dezelfde erfelijke basis hebben. De wijze van overerven is nog niet geheel opgehelderd. Indien dergelijke haren aanwezig zijn bij een dier wordt het desbetreffende vakje (distichiasis/ectopisch cilie) op de ECVO-verklaring aangevinkt. Indien de haren hard, stug en naar het hoornvlies zijn gericht, zullen zij het hoornvlies irriteren of zelfs beschadigen. De ernst wordt eventueel aangegeven door het vakje gering, middelmatig of ernstig aan te vinken.

ECVO-oogonderzoek – MPP
Eén van de aandoeningen waarop een hond, ongeacht het ras, standaard wordt onderzocht tijdens het ECVO-oogonderzoek is membrana pupillaris persistens (MPP). Bij deze aandoening blijven er resten van het vaatstelseltje voor de lens (membrana pupillaris) achter. Dit achterblijven heet persisteren. Normaal verdwijnt dit vaatstelseltje circa vier weken na de geboorte. MPP is een aangeboren (congenitale) oogafwijking. Omdat er nog veel onduidelijk is over het voorkomen van MPP bij de verschillende soorten rassen, staat vaak in het commentaarvak ‘onder studie’. Bij een paar rassen is bekend dat MPP veel voorkomt; bij deze rassen staat er ‘vrij’/’niet vrij’. In september 2016 is er door de ECVO artsen besloten om altijd de box vrij/niet vrij te gebruiken. Het is aan de rasverenigingen om na te gaan of MPP bij hun ras een probleem is en daar het fokbeleid op aan te passen. 

Uitslag van het ECVO-onderzoek
De ECVO-oogonderzoeksresultaten zijn maximaal 12 maanden geldig, met uitzondering van enkele afwijkingen die aangeboren zijn of afwijkingen die (chirurgisch) kunnen worden gecorrigeerd, zoals bijvoorbeeld CEA, RD (multi) focaal, distichiasis, entropion, ectropion etc. Voor deze laatste groep is de uitslag blijvend, Als je hond dus deze diagnose krijgt, houdt hij  deze voor de rest van zijn leven.
Sommige eigenaren vragen ruim binnen een jaar nog een onderzoek aan omdat ze . Daarbij geven ze niet altijd duidelijk aan dat de hond al eerder is onderzocht en wat de uitslag van dit onderzoek was. Dit kan bij de Raad van Beheer voor onduidelijkheid over de correcte uitslag zorgen.
Wij houden bij twee verschillende uitslagen de meest negatieve uitslag aan totdat de hond is onderzocht door het Nederlandse ECVO-panel. Het oordeel van dit panel is doorslaggevend en geldt als definitieve uitslag. Totdat het ECVO-panel zijn oordeel heeft gegeven, geldt het ‘better safe than sorry’-principe. Op deze manier willen we voorkomen dat erfelijke oogaandoeningen zich onbedoeld door de populatie verspreiden. Het commentaar van een eerder onderzoek blijft zichtbaar bij latere onderzoeken ook als dit commentaar dan niet is gegeven bij dat onderzoek.

Herbeoordeling van het ECVO-onderzoek
Ben je het niet eens met de uitslag van het ECVO-oogonderzoek, wil je graag een second opinion of bestaat er twijfel over de diagnose, dan kan het ECVO-panel je hond bekijken op hun tweemaandelijkse bijeenkomsten.
Heeft je hond de uitslag ‘(voorlopig) niet vrij’, dan kun je hem na zes of twaalf maanden opnieuw laten onderzoeken door een ECVO-oogarts. Krijgt je hond dan opnieuw de uitslag ‘niet vrij’, dan is zijn definitieve uitslag ‘niet vrij’. Krijgt je hond de uitslag ‘voorlopig niet vrij’ dan moet je de uitslag beschouwen als ‘niet vrij’ totdat het panel anders heeft besloten.
Wanneer je je hond niet meer laat onderzoeken dan blijft de eerdere uitslag ‘(voorlopig) niet vrij’ staan en gelden hiervoor de aanbevelingen van het ECVO.
Krijgt je hond wel de uitslag ‘vrij’, dan blijft de uitslag ‘(voorlopig) niet vrij’ gelden totdat het panel zich hierover heeft uitgesproken. De beslissing van het panel is dan definitief. Ook hier wordt dus de meest negatieve uitslag aangehouden totdat het ECVO-panel een uitspraak heeft gedaan.

Herhalen van het ECVO-onderzoek
Omdat de resultaten van een ECVO-onderzoek in het algemeen beperkt geldig zijn, is het verstandig je hond jaarlijks te laten onderzoeken op erfelijke oogaandoeningen. Als je hond een ‘voorlopig niet vrije’ uitslag krijgt, kan de dierenarts je adviseren om je hond na zes tot twaalf maanden opnieuw te laten onderzoeken. Krijgt je hond dan de uitslag ‘vrij’, laat dan het ECVO-panel een uitspraak doen. Tot die tijd houden we de slechtste uitslag aan.

Publicatie van de uitslagen
Conform artikel 9 van het Algemeen Onderzoeksreglement zijn de beoordelingsresultaten van de gezondheidsonderzoeken die wij coördineren en registreren openbaar. Periodiek sturen wij deze resultaten aan de rasverenigingen. De rasverenigingen moeten de gegevens voor hun ras toegankelijk maken voor derden. Deze gegevens zijn ook toegankelijk voor mensen die geen lid van de rasvereniging zijn.
Ook de Raad van Beheer kan de onderzoeksresultaten openbaar maken. Uiteraard ontdoen wij de resultaten van de persoonsgegevens van de eigenaar/houder. Je vindt de uitslagen van alle bij ons geregistreerde onderzoeken van alle rashonden geboren vanaf 1997 op ‘Generaties & Gezondheid Online’. 

ECVO-onderzoek en het fokbeleid
Periodiek sturen we de (voorlopig) geldige onderzoeksuitslagen naar de rasverenigingen die hiervoor een overeenkomst met ons hebben afgesloten. Dit kan betekenen dat we voor een hond die voor het meest recente onderzoek de uitslag ‘vrij’ heeft gekregen’ een eerdere ‘niet vrij’-uitslag moet aanhouden omdat het panel (nog) geen uitspraak heeft gedaan. Wij rapporteren dit op deze manier aan de rasvereniging. Hierdoor kan het lijken alsof de hond ook voor het laatst uitgevoerde onderzoek de uitslag ‘niet vrij’ heeft gekregen.
Het is aan de rasvereniging om op basis van deze gegevens en al dan niet samen met ons een fokbeleid te ontwikkelen. We vragen de rasverenigingen om het voorkomen van MPP binnen het ras goed te monitoren. Is het aantal meldingen van MPP binnen je ras hoog, meld dit dan direct aan het ECVO-panel.

Oogonderzoek gedaan in het buitenland
Een oogonderzoek dat in het buitenland verricht is op een in het NHSB ingeschreven hond, om in Nederland te worden geregistreerd, dient aan de volgende eisen te voldoen: 

  1. De buitenlandse oogonderzoeker moet gerechtigd zijn namens het European College of Veterinary Ophthalmologists (ECVO)-oograpporten uit te schrijven. De namen van deze dierenartsen, zogenaamde Diplomats, zijn te vinden op de website van het ECVO www.ecvo.org onder ‘Diplomat list’.
  2. Deze buitenlandse oogspecialist of oogonderzoeker dient het voorblad van het ECVO formulier met de originele handtekening van de eigenaar rechtstreeks naar de Raad van Beheer / Afdeling Gezondheid, Gedrag en Welzijn (GGW)  te sturen;
  3. De afdeling GGW controleert de gegevens en indien akkoord bevonden worden de geldige ooguitslagen geregistreerd. Deze ‘geldige ooguitslagen worden periodiek gerapporteerd aan de betreffende rasvereniging, mits deze vereniging een overeenkomst heeft met de Raad van Beheer voor de ontvangt en publicatie van deze uitslagen. 
Back To Top